Verdieping
Verdieping
De Plantwijzer
Witte Paardenkastanje (Aesculus hippocastanum)
Witte Paardenkastanje (Aesculus hippocastanum)
Gewone Agrimonie (Agrimonia eupatoria)
Gewone Agrimonie (Agrimonia eupatoria)
Spitslobbige Vrouwenmantel (Alchemilla vulgaris)
Spitslobbige Vrouwenmantel (Alchemilla vulgaris)
Grote Engelwortel (Angelica archangelica)
Grote Engelwortel (Angelica archangelica)
Herderstasje (Capsella bursa-pastoris)
Herderstasje (Capsella bursa-pastoris)
Mekkabalsem (Cedronella canariensis)
Mekkabalsem (Cedronella canariensis)
Wilgenroosje (Chamerion angustifolium)
Wilgenroosje (Chamerion angustifolium)
Stinkende Gouwe (Chelidonium majus)
Stinkende Gouwe (Chelidonium majus)
Echt Vingerhoedskruid (Digitalis purpurea)
Echt Vingerhoedskruid (Digitalis purpurea)
Slaapmutsje (Eschscholtzia californica)
Slaapmutsje (Eschscholtzia californica)
Lievevrouwebedstro (Galium odoratum)
Lievevrouwebedstro (Galium odoratum)
Robertskruid (Geranium robertianum)
Robertskruid (Geranium robertianum)
Amerikaanse Toverhazelaar (Hamamelis virginiana)
Amerikaanse Toverhazelaar (Hamamelis virginiana)
Sint Janskruid (Hypericum perforatum)
Sint Janskruid (Hypericum perforatum)
Citroengele Akkerhoningklaver (Melilotus officinalis)
Citroengele Akkerhoningklaver (Melilotus officinalis)
Tuinpeterselie (Petroselinum crispum)
Tuinpeterselie (Petroselinum crispum)
Gevlekt Longkruid (Pulmonaria officinalis)
Gevlekt Longkruid (Pulmonaria officinalis)
Grote Pimpernel (Sanguisorba officinalis)
Grote Pimpernel (Sanguisorba officinalis)
Echte Guldenroede (Solidago virgaurea)
Echte Guldenroede (Solidago virgaurea)
Paardenbloem (Taraxacum officinale)
Paardenbloem (Taraxacum officinale)
Driekleurig Viooltje (Viola tricolor)
Driekleurig Viooltje (Viola tricolor)
Naamverklaring
Er is onderscheid tussen de eenstijlige Meidoorn en de tweestijlige Meidoorn. De eenstijlige Meidoorn heet zo, omdat de bloemen 1 stijl hebben en 1 pit in de bessen. De tweestijlige Meidoorn heeft 2 of 3 stijlen en ook 2 of 3 pitten in de bes. De naam Meidoorn is vernoemd naar de bloeitijd van de bloemen. De hoofdbloei is namelijk in mei en de struik tot kleine boom heeft doorns. Vandaar de naam Meidoorn.
De wetenschappelijke naam Crataegus komt uit het Grieks van het woord 'Kratos' wat kracht betekent. Dit is vernoemd naar de hardheid van het hout. Het hout van Meidoorn is hard. De soortnaam 'monogyna' betekent 'met 1 stempel'. De bloemen hebben 1 stijl en 1 stempel. De soortnaam van tweestijlige Meidoorn is 'laevigata' en betekent 'gepolijst'. Dit is een verwijzing naar het blad dat meer glanzend (gepolijst) is dan eenstijlige Meidoorn.
De Engelse naam is Hawthorn.
Inhoudsstoffen
looistoffen
vitamine C
Naast bovenstaande stoffen bevat het ook blauwzuur (in de pitten), flavonoïden (0,1% in bessen en 1% in bloeitoppen met wat blad), saponinen (in de bessen), anthocyaniden, proanthocyaniden, oligomere pro cyaniden (OPC).
Er zijn in totaal 153 inhoudsstoffen ontdekt. De werking op hart- en bloedvaten wordt vooral veroorzaakt door de flavonoïden, anthocyaniden, proanthocyaniden en OPC (oligomere pro cyaniden). De OPC hebben een werking op de veneuze bloedcirculatie. Het meeste zit in de jonge loten. De veneuze bloedcirculatie is de circulatie die zuurstofarm bloed van de organen en weefsels terug naar het hart transporteert. De looistoffen zijn verantwoordelijk voor de werking bij diarree en keelpijn.
Historisch & traditioneel gebruik
Het hakblok voor onthoofdingen was vaak gemaakt van Meidoorn hout. De scherpe stevige doorns werden gebruikt als naald bij de eerste grammofoons.
Het natuurgebied Meijendel is vernoemd naar de aanwezigheid van veel Meidoorn.