Oogst de meeldraden van zelfgekweekte saffraankrokus (Crocus sativus)

Verwilderings-bollen planten in het najaar

    Zelf het kostbare saffraan oogsten uit eigen tuin? Ontdek hoe je saffraankrokus en andere handige verwilderingsbollen nu plant voor jarenlang plezier.

    Tijdens mijn reis in Frankrijk was ik veel buiten aan het wandelen in de mooie natuur. Op een dag liep ik een prachtige wandeling en zag ik ineens cyclamen langs het pad staan. Ik moest wel even twee keer kijken, omdat ik cyclamen nu eenmaal niet zo snel in het wild verwacht. Ik ken de cyclaam namelijk vooral als zo'n nostalgisch kamerplantje dat steevast bij mijn tante op zo'n dik Perzisch tafelkleedje stond.

    Kamer-cyclaam op zo'n dik perzisch tafelkleedje

    Maar wat blijkt? In de bossen van Zuid- en Midden-Frankrijk is het gewoon een inheemse bosplant. De bekende kamerplant van mijn tante is de zogenaamde kamer-cyclaam (Cyclamen persicum), maar in het wild zie je de winterharde boscyclaam (Cyclamen hederifolium of Cyclamen coum). Prachtig om te zien hoe ze onder de bomen een kleurrijk tapijt vormen.

    Ook ontdekte ik op mijn reis door Frankrijk dat er in de streek Lot-et-Garonne op redelijke schaal saffraan wordt gekweekt. Saffraan staat bekend als een ontzettend duur specerij, vooral omdat de fijne meeldraden uiterst voorzichtig met de hand moeten worden geplukt. Maar wat zo leuk is: je kunt de saffraankrokus (Crocus sativus) heel goed zelf in je eigen tuin of border telen.

    Saffraan kweek je gewoon in je eigen tuin

    Saffraan uit eigen tuin

    Je stopt de knolletjes gewoon nu, in september of begin oktober, in de grond.

    • Standplaats: Kies een warme, zonnige plek in goed doorlatende, liever wat drogere grond.

    • Plantdiepte & afstand: Plant de knollen zo’n 10 cm diep en houd ongeveer 8 tot 10 cm afstand tussen de knollen.

    • Oogsten: Al snel in het najaar (vaak in oktober of november) verschijnen de paarse bloemen. Zodra de bloem opengaat, zie je drie opvallende, dieprode stempels (de meeldraden). Pluk deze voorzichtig met de hand of met een pincet op een droge ochtend.

    • Van bloem tot specerij: Om er echte saffraan van te maken, moet je deze rode draadjes drogen. Leg ze op een stukje keukenpapier op een warme, droge plek uit de zon (of heel kort op een lage temperatuur in een droogoven op zo'n 40-50 °C). Zodra ze goed droog zijn, bewaar je ze in een luchtdicht glazen potje. Na een paar weken rusten is de smaak optimaal.

    Het najaar: de tijd voor verwilderingsbollen

    Het najaar (september tot november) is trouwens de perfecte tijd om al die fijne bolletjes en knolletjes in de grond te zetten. Het grote voordeel van verwilderingsbollen is dat je ze één keer plant en er vervolgens jarenlang geen omkijken meer naar hebt. Ze komen elk jaar trouw terug en breiden zichzelf moeiteloos uit.

    Denk bijvoorbeeld aan daslook (Allium ursinum), waarvan het blad naar knoflook en bieslook smaakt of natuurlijk aardperen (Helianthus tuberosus).

    Aardperen planten & smullen

    Aardperen vind ik echt fantastische knollen. Je kunt gewoon een schaaltje biologische aardperen kopen in de natuurvoedingswinkel. Zoek vier mooie, stevige knollen uit en stop die in de grond. De rest eet je lekker op.

    • Plantdiepte & afstand: Plant de knollen zo'n 10 tot 15 cm diep en geef ze de ruimte: houd ongeveer 30 tot 40 cm afstand. Aardperen worden namelijk flinke planten (wel 2 tot 3 meter hoog) met mooie gele zonnebloemachtige bloemen aan het einde van de zomer.

    • Oogsten: Je kunt de knollen vanaf volgend jaar in de late herfst tot aan het voorjaar opgraven wanneer je ze wilt eten. Laat altijd een paar knolletjes in de bodem zitten, want daar groeit volgend jaar weer een complete nieuwe oogst uit.

    Ik heb trouwens een heerlijk recept met aardperen. Super lekker gecombineerd met aardappel, gedroogde pruimen en gesmolten kaas. Een heerlijk warm gerecht, echt comfort food.

    Heerlijke aardpeer-aardappel gratin

    Dit recept staat deze maand in de nieuwsbrief..

    Nog meer fijne verwilderingsbollen voor je tuin

    Heb je nog een plekje over in de border, onder het gazon of onder de bomen? Maak dan een keuze uit een van deze leuke bolletjes en knolletjes die zichzelf makkelijk uitbreiden en een nuttige of ecologische toepassing hebben:

    1. Kraailook (Allium vineale) & Armeense look (Allium paradoxum)

    • Toepassing: Het fijne blad en de kleine broedbolletjes smaken subtiel naar bieslook en knoflook. Je kunt ze al in het heel vroege voorjaar oogsten voor in salades of over warme gerechten.

    • Bloeiperiode: Late voorjaar tot vroege zomer (mei–juni).

    • Plant- en verwilderingstips: Zet ze op een plekje in de zon of halfschaduw. Plant de bolletjes zo'n 5 tot 8 cm diep met een plantafstand van ongeveer 5 cm. Dit zijn ijzersterke verwilderders die moeiteloos elk jaar terugkomen en uitbreiden.

    2. Sneeuwklokje (Galanthus nivalis)

    • Toepassing: Niet eetbaar, maar ecologisch van onschatbare waarde. Het is een cruciale eerste voedselbron (pollen en nectar) voor vroeg ontwakende bijen en hommels.

    • Bloeiperiode: Midden in de winter/vroeg voorjaar (februari–maart).

    • Plant- en verwilderingstips: Plant ze bij voorkeur in de halfschaduw of schaduw (bijvoorbeeld onder bladverliezende bomen of struiken). Plant de bolletjes ongeveer 5 tot 8 cm diep en 5 cm uit elkaar. Zodra ze goed gevestigd zijn, vormen ze in de loop der jaren prachtige, witte tapijten.

    Plant in het najaar verwilderingsbollen, deze hebben ook een toepassing in de permacultuur

    3. Boerenkrokus (Crocus tommasinianus)

    • Toepassing: Ecologisch erg waardevol als vroege bijenweide. Daarnaast is het een prachtig gezicht in het vroege voorjaar: bij bewolkt weer sluiten de bloempjes zich, en zodra de zon doorbreekt openen ze zich helemaal.

    • Bloeiperiode: Vroeg voorjaar (februari–maart).

    • Plant- en verwilderingstips: Dit is een van de makkelijkste krokussen om te laten verwilderen in het gazon of onder struiken. Een groot pluspunt: muizen laten deze soort over het algemeen veel sneller links liggen dan de grootbloemige krokussen. Plant ze 5 tot 8 cm diep, met een afstand van zo'n 5 cm.

    4. Botanische tulp (Tulipa sylvestris)

    • Toepassing: Grote sierwaarde en een prachtig inheems stinzenelement voor de tuin. Wist je dat de gele bloemblaadjes bovendien eetbaar zijn? Ze staan ontzettend feestelijk als eetbare decoratie op een salade of toetje.

    • Bloeiperiode: Mid-voorjaar (april–mei).

    • Plant- en verwilderingstips: Plant ze op een zonnige tot licht beschaduwde plek. Anders dan gekweekte tulpen (die na een jaar vaak verpieteren) hoef je deze wilde variant nooit op te graven. Hij vormt ondergrondse uitlopers en verwildert heel gestaag. Plant de bolletjes zo'n 10 cm diep en houd 8 tot 10 cm afstand.

    0 comments

    Deelnemenor login to leave a comment